Reeks vrijwilligerswerk: ‘Als ik later hulp nodig heb, zal ik ook blij zijn dat er vrijwilligers bestaan’

07/12/2011

De laatste vrijwilliger in onze reeks vinden we in Machelen. Monique Seynaeve doet verscheidene vormen van vrijwilligerswerk, maar het vaakst en het liefst gaat ze aan de slag voor de Minder Mobielen Centrale (MMC) van haar gemeente. Eén tot twee keer per week geeft ze een mede-inwoner die minder goed te been is, een lift.

‘Ik ben niet zo lang na mijn pensioen bij de Minder Mobielen Centrale begonnen’, vertelt Monique Seynaeve. ‘Dat moet een jaar of zes geleden zijn.’ Haar eerste cliënten waren twee dames die elke vrijdag boodschappen wilden doen in de supermarkt. ‘Ook nu nog ga ik geregeld met mensen boodschappen doen’, zegt ze. ‘Maar ik rijd ook vaak met iemand naar een Brussels ziekenhuis.’ Ze doet het voor haar eigen plezier, legt Monique Seynaeve uit: ‘Mensen vervoeren voor de MMC is aangenaam om te doen. Ik ben sociaal ingesteld, dus de contacten zijn altijd welkom. We babbelen veel onderweg. Er zijn dan ook geregeld mensen die me vragen of ze de volgende keer weer op mij als chauffeur kunnen rekenen.’ Met een bepaalde dame gaat ze wekelijks op stap. Een koffie of een ijsje hoort daar vanzelfsprekend ook bij. ‘Heel leuk’, vindt Monique. ‘En als ik dan toch in een supermarkt ben, doe ik ineens ook mijn eigen boodschappen. Gemakkelijk, toch?’

Met de glimlach
We rijden ook een keer met Monique mee wanneer een slechtziende man in twee verschillende ziekenhuizen onderzoeken moet laten doen. Monique Seynaeve heeft de weg vooraf al uitgestippeld. ‘We rijden op dit uur niet over de ring, want dan zitten we gegarandeerd vast in het verkeer. Tijdens de spits rijd ik liever binnendoor: ik ken Brussel op mijn duimpje, dus dat is geen probleem.’ In de auto begint de man aan zijn levensverhaal. Zijn medische toestand is geen lachertje, maar hijzelf verliest er het humeur niet bij. Ook wanneer we in de ziekenhuizen niet onmiddellijk de juiste afdelingen en dokters vinden, blijft hij glimlachen. Hij bedankt zijn chauffeur na afloop hartelijk voor de tijd en de moeite.

Chauffeurs welkom
De meeste Vlaamse gemeenten hebben vandaag een Minder Mobielen Centrale. De Centrales zijn er gekomen om personen met verplaatsingsproblemen en een beperkt inkomen toch de nodige transportmiddelen te bieden. De chauffeurs werken allemaal vrijwillig en krijgen een kilometervergoeding voor de verplaatsing. ‘In Machelen hebben we niet zoveel chauffeurs’, licht Monique Seynaeve toe. ‘Er mogen er altijd enkele bijkomen.’
Een vrijwilliger bij de MMC heeft uiteraard een wagen en een geldig rijbewijs nodig. ‘Voor sommige kandidaten volstaat de kilometervergoeding niet. Ze noemen de kosten aan je auto en de dure benzine als excuses om het niet te doen. Maar ik vind dat vrijwilligerswerk daar niet om draait. Trouwens, verzekeringen en belastingen betaal je ook als je je auto in de garage laat staan…’

Lees het volledige artikel in RandKrant, december 2011.

Advertenties

Reeks vrijwilligerswerk: ‘Zonder vrijwilligerswerk valt het land stil’

02/12/2011

Bij Buurthuis Ommekaar in Buizingen verwerken ze zo’n twee ton textiel en andere kleine goederen per maand. ‘Ze’ is een team van 45 vrijwilligers die sorteren, wassen, strijken, verkopen, koffie zetten en schenken… Kortom, ze doen alles wat in een buurthuis met tweedehandswinkel en praatcafé gebeuren moet.

Op dinsdagochtend heerst er een rustig soort bedrijvigheid in Ommekaar. Een drietal klanten snuistert door de winkel, een paar vrouwen slaan een babbeltje bij een koffie. Wat later wandelt Jean-Marie De Greef het buurthuis binnen. Hij doet er al 12 jaar klusjes. ‘Ik kom elke dag wel even langs om te zien of er iets te doen valt’, vertelt hij. ‘Lekt het toilet, dan los ik het op. Moet er iets opgehangen worden, dan doe ik dat.’

(…)

Ommekaar is gevestigd in een vroegere kleuterschool, waardoor er veel ruimte is om alle spullen netjes uit te stallen. De winkel is ingericht per type kledingstuk, met een apart hoekje voor speelgoed. Her en der staan andere kleine spullen uitgestald, zoals een koffieservies dat volledig uit hout is gesneden.
‘Een tijd terug hebben we een hele lading nieuw speelgoed gekregen’, zegt collega-vrijwilliger Denise Vanlathem. ‘Het kwam van een winkel die het niet verkocht had gekregen. Bij de kleren is dat precies hetzelfde: we krijgen veel van particulieren, maar er zijn ook winkels die na de koopjesperiode hun laatste stuks naar ons brengen. We hebben vaak prachtige spullen in onze rekken hangen.’ Er klinkt duidelijk trots door in Denises stem. Zij is al 14 jaar vrijwilliger bij Ommekaar en is er verantwoordelijk voor de truien. ‘Deze week organiseer ik een speciale actie: één trui kopen, de tweede gratis.’ Het valt op dat de typische stoffige geur die in veel tweedehandswinkels hangt, hier volledig ontbreekt. ‘Ja natuurlijk!’ roept Denise uit. ‘Elk kledingstuk dat we willen verkopen, wassen en strijken we eerst. En de winkel wordt ook wekelijks grondig schoongemaakt.’ Ze toont enkele truien die klaarhangen om naar de winkel te gaan. ‘We zijn heel streng wanneer we kleren sorteren. Er mag niks kapot aan zijn, er mogen geen vlekken op zitten…’ Stukken die Ommekaar niet kan verkopen, gaan naar andere organisaties of worden uiteindelijk gerecycleerd. ‘Niets van wat de mensen hier binnen brengen, gaat verloren.’

(…)

‘Stel dat je alle vrijwilligers van België zou schrappen, dan viel het land stil. Daarvan ben ik overtuigd’, zegt Jean-Marie. ‘Ik vind het zelf ook een goede bezigheid: je zet je in voor een ander en wordt er zelf gelukkiger van.’ Denise knikt: ‘Vrijwilligerswerk laadt de batterijen op. Ik kom liever naar hier dan dat ik ga winkelen. We hebben ook zo’n toffe ploeg – we kunnen elkaar niet missen.’

www.debodt.be/ommekaar

Lees het volledige artikel in Randkrant, november 2011.