Wim Vandekeybus: ‘booty Looting is een blokkendoos’

16/10/2012

Ultima Vez tourt momenteel met de nieuwe productie booty Looting, een voorstelling die waarheid zoekt en leugens verkondigt, fictie schrijft en geschiedenis construeert, die ontmaskert en terugkaatst, analyseert en in kaart brengt.

Ik sprak Wim Vandekeybus afgelopen zomer op zijn tweede vrije dag in twee jaar tijd. Over booty Looting, natuurlijk, maar bij uitbreiding over het hele seizoen 2012-2013, dat er bijzonder goed gevuld uitziet. Een nieuw gebouw. Een 25ste verjaardag. Hernemingen van enkele van de meest uiteenlopende voorstellingen uit het repertoire (waaronder de allereerste Ultima Vez-productie What the Body does not remember). Hou voor het hele programma zeker www.ultimavez.com in de gaten.

Het volledige artikel dat ik na het interview heb geschreven, lees je in het huidige nummer van Staalkaart. Hier: een fragment.

De meest analytische voorstelling van Ultima Vez tot nu toe. Zo wordt booty Looting al eens omschreven. Wim Vandekeybus kan zich daar wel in vinden. ‘Het was een Oostenrijkse criticus die dat schreef, na de wereldpremière in juni, op de Dansbiënnale van Venetië’, zegt hij. ‘En het klopt. Refereren en analyseren is de vorm van de voorstelling geworden.’

Reconstructie van een fictief leven
De kern van booty Looting is het personage Birgit Walter. Ze is antropologe, actrice, moeder, echtgenote. Of toch weer niet. Ze is femme fatale, een noodlottige vrouw, ze is Medea, Romy Schneider. Of toch niet? ‘Het is fijn om uit te gaan van zo’n fictief personage’, vindt Wim Vandekeybus. ‘Een fictief personage dat dan wel de naam draagt van de actrice die het speelt. Het personage Jerry (Jerry Killick, red.) maakt de reconstructie van haar leven. En dan gaat het zoals altijd wanneer je mensen bewondert: je vertelt hun verhaal, maar tegelijk steel je van ze, ren je met ze weg.’ Heel veel wordt uiteindelijk zo gemaakt: de waarheid, de geschiedenis, een voorstelling. ‘Ik heb tot nu altijd geweigerd om referenties prijs te geven’, legt Wim Vandekeybus uit. ‘Ik hou daar gewoon niet van. Maar uiteraard werk ook ik op die manier. In booty Looting noem ik mijn referenties wel, maar met een vette knipoog: minstens 30% is verzonnen.’ Een van die referenties is de invloedrijke Duitse kunstenaar Joseph Beuys (1921-1986). Wanneer die in een werk vilt gebruikte, pakte hij keer op keer uit met hetzelfde verhaal. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werkte hij bij de Luftwaffe. Op missie in de Krim zou zijn vliegtuig zijn neergestort. De piloot was op slag dood, maar hij – Beuys – werd gered door Tartaren. Om hem te behoeden voor onderkoeling smeerden ze zijn lichaam in met vet en wikkelden ze hem in vilt. Ziedaar de referentie van de referentie. Achteraf blijkt dat Joseph Beuys nogal creatief met de waarheid omsprong. De doordringende geur van vet en vilt zou de kunstenaar in hem wakker hebben gemaakt en een blijvende inspiratiebron voor hem zijn geworden. In realiteit was er sprake van vet noch vilt. ‘En nu schijnt dat hij zelfs helemaal nooit in dat vliegtuig heeft gezeten. Eigenlijk werkte hij bij de post…’

Misvorming van het geheugen
Wat is waarheid en wat is leugen? Hoe geconstrueerd is de waarheid en hoe levensecht de leugen? Vanuit zulke vragen is booty Looting gegroeid. Ze komen samen in één spil: het geheugen en hoe dat de dingen vervormt. De titel van de voorstelling verwijst daarnaar. Booty Looting slaat op een dubbele vorm van plundering: stelen wat al gestolen was, plunderen wat eerder geplunderd was, de buit buitmaken. Op de scène staan acht figuren: zes performers, muzikant Elko Blijweert en rockfotograaf Danny Willems. De fotograaf maakt de vervorming van het geheugen, het booty looten, concreet. ‘Ik ben gefascineerd door fotografie en wat die teweeg kan brengen’, legt Wim Vandekeybus uit. ‘Een foto voegt iets toe, transformeert, laat dingen weg, kan de kijker beliegen.’ Danny Willems neemt tijdens de voorstelling foto’s. De resultaten worden live in action geprojecteerd op een groot scherm. Zo kan het publiek het procedé van realiteit en fictie volgen: wat gebeurt er op scène en wat is er op de foto te zien? Zelden geven beide hetzelfde weer.

Fragment booty Looting

Speellijst booty Looting.

Advertenties

Rasvertelling, toptheater – Faust van Zuidpool

02/10/2012

‘Soms heb je voor een voorstelling niet meer nodig dan twee hele goede acteurs en een wonderschone tekst.’
Dat schrijft recensent Robbert van Heuven in Trouw. En het vat de nieuwe Faust van Zuidpool eigenlijk bijzonder goed samen.

Pjeroo Roobjee kreeg een goed jaar geleden de vraag van Jan Decleir – met wie hij al een lange theatergeschiedenis heeft – of hij voor hem en Koen De Sutter een nieuwe theaterversie van het Faustverhaal wou schrijven. Roobjee putte voor zijn versie niet alleen uit het bekende werk van Goethe, maar uit de verscheidene bestaande Faustverhalen. Hij noemt het zijne: Faust ofte Krakeling beneden de louteringsberg.

De taal die schrijver-kunstenaar Pjeroo Roobjee gebruikt in zijn Faust, is al half het stuk. Hij maakt in zijn eentje de hele discussie over Standaardnederlands versus verkavelingsvlaams overbodig. Als je naar de taal van Roobjee luistert, dan hoor je de rijkst denkbare variant van het Nederlands. Hij combineert zonder verpinken archaïsche woorden met populair hedendaags taalgebruik. Woorden en zinnen uit de standaardtaal krijgen het gezelschap van neologismen, dialectisch aandoende woorden… van alles wat de taal voller, mooier, melodieuzer maakt.

Roobjee heeft zijn woorden geschreven met de acteurs in het achterhoofd. Terwijl hij schreef, zag hij ze in zijn hoofd over het podium lopen. Decleir en De Sutter hebben vervolgens geen letter, zelfs geen komma aan de tekst veranderd. Ze houden ervan in zijn rijkdom én zijn gelaagdheid én al zijn mogelijkheden. ‘De ene dag’, zegt Jan Decleir, ‘kun je een scène tot tranens toe ontroerend brengen, de volgende dag maak je er een grap van.’ Ze kunnen blijven variëren in de manier waarop ze de tekst brengen en dat maakt het spannend voor hen, avond na avond. Koen De Sutter besluit: ‘Als je enkel de woorden hebt en je kunt het publiek de verbeelding schenken – ik denk dat er niets magischer is. En dat is toch net de bedoeling van toneel?’

Twee heel goede acteurs en een wonderschone tekst. Van Heuven slaat de nagel op de kop.

Vanavond en morgen te zien in CC Westrand, Dilbeek (waar ik een inleiding bij het stuk zal geven) en de komende maanden nog op tournee door heel het land.

www.zuidpool.be