Jeroen Jaspaert, animator en regisseur van animatiefilms: “Het is niet omdat je van je job geniet, dat mensen daar misbruik van mogen maken”

18/09/2015

Br7JveeIgAAzmFj.jpg large

Heb je kleine kinderen in huis? Toon ze dan zeker eens een paar filmpjes van Bing Bunny. We moeten nog even wachten op de Nederlandstalige versie die op Ketnet zal lopen, maar de kleintjes (en hun ouders) vinden het Engelstalige origineel net zo leuk. Ik hou zelf vooral van het rustige tempo, de herkenbare verhalen, de héérlijke Engelse vertelstemmen en de giga-aaibaarheidsfactor van de figuren.

Onlangs interviewde ik de regisseur van de Bing-serie, Jeroen Jaspaert, voor een nieuwe Kanttekening.

Zes middelbare schooljaren lang riep hij van de daken dat hij leraar zou worden. Maar toen puntje bij paaltje kwam, bedacht hij zich: animatie zou het worden. “Ik was als kind al altijd artistiek bezig”, vertelt animator Jeroen Jaspaert. “Ik tekende, schilderde, speelde toneel… Maar ik had er nooit bij stilgestaan dat ik van iets creatiefs ook mijn beroep kon maken.”

BAFTA_BING (1)“In de zomer voor ik zou beginnen voortstuderen, hoorde ik per toeval een radio-interview met Raoul Servais, de pionier van de Belgische animatiefilm. Toen besefte ik dat in animatie mijn liefde voor tekenen en die voor acteren samenvielen. Zo ben ik op het laatste nippertje – en zonder er al te veel over te weten – dus toch in een creatieve richting terechtgekomen. Ik volgde de vierjarige opleiding in Genk. In het eerste jaar leerde je daar ook heel veel over algemene filmtechnieken: hoe werken cameralenzen, hoe zit een goede lay-out of een verhaalstructuur in elkaar… Nu ik als regisseur werk, heb ik daar nog veel aan.”

Hoe vlot heb je nadien de stap naar het professionele leven gezet?

“Het zag er eerst naar uit dat het vrij moeilijk zou verlopen. Het laatste jaar in Genk was erg zwaar. We kregen geen lessen meer, maar moesten twee animatiefilmpjes maken. Toen die af waren, wou ik even niet meer aan animatie denken. Ik heb die zomer daarom voor de Tiense bietencampagne gewerkt. En terwijl ik bietenplantjes zat te zaaien en zo, besefte ik plotseling dat ik helemaal niet wist hoe je professioneel animator moest zijn. Hoe goed moest je zijn en hoe snel moest je kunnen werken om in de industrie aan de bak te komen? En waren er überhaupt wel animatiestudio’s in België? Daarom heb ik me ingeschreven voor een bijkomende opleiding van een half jaar in Londen. Elke maandagochtend kregen we een opdracht, elke vrijdag presenteerden we het resultaat. We waren met 30 studenten die alle 30 even gedreven waren en allemaal de besten wilden worden in ons vak. Ook dat maakte het tot een fantastisch semester. Door onze geestdrift stuwden we elkaar vooruit: jij kunt dit? Dan wil ik ook beter doen! In die zes maanden ben ik écht animator geworden. Ik kreeg meer zelfvertrouwen om oprecht trots te zijn op mijn teken- en animatiewerk en ermee naar buiten te komen. Zo kon ik eigenlijk vrij snel sollicitatiegesprekken krijgen in enkele grote Engelse animatiestudio’s. Een week na de diploma-uitreiking kon ik aan mijn eerste opdracht beginnen. Ik ben dus in Londen blijven hangen en 14 jaar later ben ik hier nog.”

Lees meer.

Advertenties